Wat anderen zeggen & schrijven:

 

Jan Willem Bruins, hogeschoolhoofddocent en kritisch volger van de ontwikkelingen in het hoger beroepsonderwijs:

Bert Westenbrink bezit het vermogen om snel de essentie te destilleren uit ingewikkelde onderwerpen. Ook ziet hij in no time wat de dominante werkzame bestanddelen zijn in complexe processen. En dat steeds zonder de noodzakelijke nuance uit het oog te verliezen. En hij schrijft wat hij doorziet ook nog eens zeer leesbaar op. Want goed geschreven, is vooral goed gedacht, zei Schopenhauer al.

Jim Jansen, hoofdredacteur New Scientist

Bert is goed en betrouwbaar. En bovenal prettig in de omgang. Hij heeft  journalistieke normen & waarden hoog in het vaandel. Met daarnaast een talent voor ideeën en een foto extra is geen probleem. Een bladenmaker op en top met wie het goed koffie drinken is.

Hans Valent, directeur dienst voorzieningen & vastgoed:

Pas op voor de aardigheid en humor van Bert. Het is niets anders dan een truc om draadjes in je verhaal te vinden, die verbonden zijn aan gevoelige informatie. Relativering van het gevaar: Bert gaat integer om met hetgeen je niet had willen zeggen.

Marieke Schilp, hoofdredacteur universiteitsblad Ad Valvas (Vrije Universiteit):

Beste opdrachtgever, nee, Bert Westenbrink is niet boos, hij kijkt en klinkt wel vaker zo. Zijn nieuwsbronnen draaien hun verhaal af, en Westenbrink denkt er het zijne van. Vraagt door, checkt, en komt tot slot met een analyse die wél klopt. Hem maak je niets wijs. Goud waard, zo’n journalist.

Jacqueline Veldman, docent en columnist:

Ik heb Bert leren kennen als een journalist pur sang: het zit hem in het bloed. Daarom rust hij ook niet voordat een verhaal klaar is. In de meest letterlijke zin van het woord: hij gaat gewoon niet naar bed als het artikel niet rond is. Is hij een… werkpaard? Ja, en daar is hij trots op ook.

Wouter van Emst, redacteur:

Als ik er tijdens m’n werk even niet meer uitkwam of in een lastige situatie was beland, stelde ik mezelf vaak de vraag: wat zou Bert in deze situatie doen? Het heeft me vaak geholpen. Voorman én voorbeeld wat betreft kwaliteiten en eigenschappen als vakkundigheid, wijsheid, gedrevenheid en rust.

* * *

Rob Vreeken is redacteur buitenland en columnist van de Volkskant. Hij schreef op 22 maart 2001 in de Volkskrant:

Bert

HARDNEKKIG vooroordeel: journalisten zijn de vampiers van het wereldleed. Wij laven ons, zo geloven buitenstaanders, aan andermans bloed. Waar mens en dier sterven, leven wij op….

Klopt er iets van het vooroordeel?

Nou, reken maar.

Met een mix van bewondering en afgunst gaan mijn gedachten daarom uit naar Bert Westenbrink.

Bert was – net als ik – verslaggever bij een regionale krant in een industriegebied vol cacao-, mosterd-, linoleum- en koekfabrieken. Een aardige, flegmatieke jongen die elke werkdag begon met het oppeuzelen van een winterpeen – zijn ontbijt. Hij jaagde op primeurs als een oranjeprins op wilde zwijnen: koel en trefzeker.

Maar Bert was ook een etnische Drenth, zoon van een melkfabrikant. Hij behield een drang naar het oosten, die hem dreef naar het Agrarisch Dagblad. Daar is hij nu hoofdredacteur.

Er kan geen twijfel over bestaan dat het Agrarisch Dagblad sinds gisteren de voorste infanteriedivisie vormt van de journalistiek in Nederland. Daar, in Doetinchem, wordt op dit moment de volgende Prijs van de Dagbladpers bijeengeschreven. Als een veldmaarschalk dirigeert Bert, zwaaiend met zijn winterpeen, zijn mannen en vrouwen naar de besmettingshaarden. Hun voorsprong kan niet meer worden ingelopen. Terwijl de redacteur van NRC Handelsblad nog bezig is zijn krijtstreeppantalon in de modderlaarzen te wurmen, en onze Guus Dubbelman wanhopig de encyclopedie doorbladert om het verschil te ontdekken tussen een ooi en een zeug, hebben de reporters van Bert al een exclusief interview met het MKZ-virus.

Te vrezen valt dat Berts krant vandaag door Brinkhorst een verspreidingsverbod krijgt opgelegd.

 

Plaats een reactie